De kat is niet zo gesteld op vreemden, en al helemaal niet in zijn huis.
Gelukkig mag ik wel even in zijn huiskamer zitten.
Hij blijft zelfs in dezelfde kamer.
Zijn vrouwtje, aan wie hij erg gehecht is, zit er ook bij.
Ik leg aan hem uit wat ik kom doen terwijl hij me half verscholen vanachter een deur aan kijkt.
Hij scant me helemaal en ik wordt ‘redelijk betrouwbaar’ bevonden.
Het consult gaat prima, hij is erg communicatief en wijs.
We hebben een leuk gesprek, zo met z’n drieën.
Na het consult loopt hij mee naar de voordeur en zelfs een stukje mee naar buiten.
‘Ach, wat lief, zegt zijn vrouwtje, ‘hij wil mee om afscheid te nemen.’
Klein misverstandje.
Ik hoor de kat zeggen; ‘Nee hoor, ik wil alleen zeker weten of ze echt weg gaat!’
Ik vertaal het voor zijn mens en stel de kat gerust dat hij het rijk weer alleen heeft.
Voor alle zekerheid blijft hij toch even kijken tot ik echt de hoek om ben.
(nb; tegenwoordig doe ik alleen nog telefonische consulten.)


